Het IT-landschap van een gemeente is vaak een uiterst complex netwerk. Gemeenten bieden namelijk een veelvoud aan diensten voor burgers en bedrijven aan. Veel van die diensten hebben een eigen dynamiek en maken gebruik van geheel eigen werkwijzen, processen, applicaties en databases. Daarnaast zijn er natuurlijk ook nog koppelingen met andere overheden (Rijk, provincies) en publieke instellingen.

Omdat het IT-landschap van een hedendaagse organisatie dynamisch en continu aan verandering onderhevig is, moeten gemeenten ook op dit vlak steeds meer innoveren. Die behoefte wordt natuurlijk verder gevoed door de wensen van de moderne burger, die steeds hogere eisen stelt aan de digitale dienstverlening van gemeenten. Maar welke innovatietrends spelen er momenteel binnen het IT-landschap voor gemeenten? In deze blog brengen we de belangrijkste in beeld.

Trend 1: het gebruik van API’s binnen de overheid

Wat is een API?

Het snel en eenvoudig uitwisselen van informatie om gegevensstromen te optimaliseren wordt steeds belangrijker bij het aanbieden van digitale diensten. Om dat te realiseren, is het vooral belangrijk dat verschillende applicaties binnen je IT-omgeving goed met elkaar kunnen communiceren. Maar hoe krijg je dat voor elkaar? De Application Programming Interface (API) is een belangrijke en steeds vaker gebruikte oplossing voor het ontsluiten en eenvoudig uitwisselen van informatie. Een API levert een begrensde toegang tot de functionaliteit of data van een applicatie of (online) dienst, zodat die geïntegreerd kan worden in een andere applicatie of dienst.

Een API is de combinatie van het ‘fysieke’ koppelvlak in een applicatie en de technische bestanden en documenten die duidelijk maken hoe dat koppelvlak communiceert met andere applicaties (Google Maps heeft bijvoorbeeld zo’n structuur). Een API dient feitelijk als een interface tussen verschillende software-applicaties. De gebruikte code geeft de verschillende applicaties toegang tot elkaars informatie en/of functionaliteit, zonder dat ontwikkelaars in detail hoeven te weten hoe het andere programma nou precies werkt. API’s worden onder meer gebruikt in applicaties, softwarebibliotheken en besturingssystemen.

Waarom zijn API’s zo populair?

De opkomst van de API hangt grotendeels samen met twee belangrijke digitale trends.

  • De traditionele internetbrowser heeft al lang geen monopolie meer. Vandaag de dag betreden steeds meer mensen het internet via smartphones, tablets of hypermoderne smart-tv’s, terwijl ook een ontwikkeling als het Internet of Things inmiddels veel meer is dan een futuristische wensdroom. De interactie tussen aanbieder en gebruiker verloopt tegenwoordig dus over meerdere kanalen in plaats van via een enkel kanaal.
  • De opkomst van sociale media en zoekmachinegiganten heeft de toepassing van API’s in een stroomversnelling gebracht. Platforms als Facebook en Google gebruiken API’s om hun functionaliteiten te delen met anderen. Google Maps, dat inmiddels geïntegreerd is in legio andere producten, is hier een goed voorbeeld van.

De bruikbaarheid van API’s in het huidige IT-landschap is te danken aan een aantal belangrijke eigenschappen van de technologie. Omdat API’s eenvoud, schaalbaarheid en praktische bruikbaarheid verenigen, zijn ze in de wieg gelegd voor het beschikbaar maken van data en diensten, het ontwikkelen van nieuwe digitale producten en het ontsluiten van data via een breed spectrum aan verschillende kanalen.

API’s en de overheid

API’s zijn geen volledig nieuw speelveld voor overheidsinstanties zoals gemeenten. Veel overheidsinstellingen gebruiken reeds API’s voor het uitwisselen van berichten. Die zijn echter veelal gebaseerd op Digikoppeling en StUF, technieken die nog geënt zijn op de van voor 2008 (het jaar waarin de grote omslag richting REST-API werd ingeluid) stammende SOAP-standaard. SOAP-standaarden zijn gespecialiseerd in zware beveiliging en complexe gegevensuitwisseling, maar missen de flexibiliteit en schaalbaarheid van REST-API’s.

Sommige bestaande API’s die door gemeenten worden gebruikt laten op het gebied van gebruiksvriendelijkheid dan ook te wensen over. Koppelingen zijn vaak ingewikkeld en de API’s zijn lang niet altijd gebruiksvriendelijk. Denk bijvoorbeeld aan de publicatie van gegevens in de vorm van een setje links, waarbij de bezoeker grotendeels zelf moet uitzoeken hoe de vork precies in de steel zit, als een voorbeeld van hoe het niet moet.

Hoewel het gebruik van RESTl-API’s bij gemeenten nog niet zo ingebakken is als in de commerciële sector, zie je ook binnen de publieke sfeer een trend richting het gebruik van deze nieuwe generatie API’s ontstaan. Een voorbeeld van die ontwikkeling is de Omgevingswet. Die redeneert sterk vanuit de gebruiker en staat een actief beleid voor dat interactie tussen burgers en overheid op basis van moderne API’s mogelijk moet maken. De site data.overheid.nl is ook een goed voorbeeld van API-gebruik van de overheid die het vinden en uitwisselen van datasets vergemakkelijkt.

Trend 2: vernieuwing van informatievoorziening via Common Ground

Qua efficiëntie, inrichting en opbouw laat de gemeentelijke informatievoorziening op veel plekken nog het nodige te wensen over. Geldverslindend, conservatief, verouderd, ondeskundig, nodeloos ingewikkeld en inspiratieloos zijn bijvoorbeeld termen die geregeld de revue passeren als IT-experts hun visie mogen geven op de digitale infrastructuur van veel gemeenten.

Maar er is een nieuw perspectief op de inrichting van de gemeentelijke informatievoorziening dat gestaag aan populariteit wint en veel perspectief voor de toekomst biedt: Common Ground. Het model gaat uit van een aantal lagen, die we hieronder kort zullen bespreken.

  • Het informatiemodel is de onderste laag van Common Ground. Deze laag wordt gevormd door de data en documenten. In plaats van een aparte dataset per applicatie, gaat Common Ground uit van het principe van eenmalige registratie en meervoudig gebruik. Op die manier wordt informatie dus snel en algemeen beschikbaar gesteld in plaats van alleen maar rondgepompt.
  • De services, waarmee functionaliteiten, applicaties en apps worden bedoeld, vormen de tweede laag van het model. De nadruk ligt hier op kleinschaligheid. Door te werken met bouwstenen, kunnen apps snel worden ontwikkeld. Bovendien vergroot je de schaalbaarheid en wordt het gemakkelijker om tussentijds of achteraf wijzigingen aan te brengen in applicaties of apps.
  • De derde laag van het model dat Common Ground nastreeft, zorgt voor een betrouwbare, snelle en de privacyregels respecterende integratie van de diverse onderdelen van de gemeentelijke IT-structuur.
  • De vierde laag richt zich op de procesinrichting en de interactie tussen de gemeentelijke ambtenaar en inwoner. Denk bijvoorbeeld aan het creëren van een dynamisch burgerportaal. Binnen een dergelijke digitale ontmoetingsplaats heeft de burger de mogelijkheid om zelf de regie te voeren over zijn gegevens en de procedures waarmee hij te maken krijgt. Door het principe van Common Ground in de praktijk te brengen, ontvouwt zich voor gemeenten een routekaart naar een meer klantvriendelijke en minder omslachtige digitale dienstverlening.

De grootste uitdaging bij Common Ground is dat de gemeentes moeten samenwerken om de gegevens te standaardiseren op dezelfde manier te delen. Dit moet volgens bepaalde protocollen. Bovendien is de vraag wie dit gaat ontwikkelen en betalen. Deze zaken zorgen nogal eens voor vertraging.

Trend 3: Data-uitwisseling via NLX

Een trend die grotendeels voortkomt uit Common Ground is de data-uitwisseling via NLX. NLX is software die is ontstaan uit de behoefte van gemeenten om sneller te kunnen samenwerken en eenvoudiger gegevens uit te kunnen wisselen. NLX scheidt applicaties en databronnen van elkaar, waardoor de applicaties data direct bij de bron kunnen raadplegen via een gemeenschappelijke servicelaag.

Een extra voordeel is dat NLX gebruikmaakt van open software en open standaarden. Hierdoor kunnen alle applicaties en services die op NLX zijn aangesloten eenvoudiger met elkaar communiceren, ongeacht de leverancier. Het voordeel voor gemeenten is evident: het risico op leveranciersafhankelijkheid neemt af. Anderzijds biedt NLX kleine en middelgrote leveranciers betere kansen om opdrachten in de wacht te slepen.

NLX schept bovendien veel kansen om innovatieve applicaties te ontwikkelen. Denk bijvoorbeeld aan oplossingen waarmee gebruikers eenvoudig gegevens bij verschillende organisaties kunnen opvragen. Hiermee kunnen organisaties en medewerkers zich veel tijd en moeite besparen. Gebruikers hoeven namelijk niet meer op verschillende websites in te loggen om op meerdere plekken hun gegevens te veranderen of aanvragen te doen. Daarnaast heeft NLX nog een aantal extra voordelen.

  • Dankzij de ingebouwde functionaliteiten als logging, autorisatie en doelbinding maakt NLX het voor gemeenten gemakkelijker om aan de strenge regels van de AVG te voldoen.
  • NLX maakt het eenvoudiger om de interoperabiliteit binnen en tussen organisaties te vergroten. De gemeenschappelijke infrastructuur is zo ontworpen dat (toekomstige) applicaties en services die op NLX worden aangesloten eenvoudig met elkaar kunnen communiceren.
  • NLX brengt significante voordelen op veiligheidsgebied met zich mee. De techniek wordt eenvoudiger omdat er minder schakels tussen ICT-systemen zitten. Door de verminderde complexiteit is er ook minder kans op datalekken of technische fouten. Bovendien wordt de communicatie via NLX versleuteld middels moderne encryptiemethodes.
  • NLX-software wordt naast bestaande ICT-toepassingen van organisaties ontwikkeld. Goed nieuws, want je hoeft bestaande IT-systemen niet gelijk helemaal om te gooien of van de hand te doen. In plaats daarvan kun je verouderde systemen stapje voor stapje en zonder grote risico’s vervangen.

Conclusie: de weg naar een betere gemeentelijke informatievoorziening is ingezet

Bij gebrek aan een gemeenschappelijke infrastructuur is het IT-landschap bij veel gemeenten in de loop der tijd uitgegroeid tot een ondoorzichtig woud van koppelingen, applicaties en systemen. Gelukkig wordt dat beeld steeds meer een relict van het verleden. Vooral het gebruik van REST-API’s en de opkomst van Common Ground en data-uitwisseling via NLX bieden legio kansen voor het flexibiliseren en optimaliseren van de gemeentelijke informatievoorziening.

Wil je weten hoe wij deze trends toepassen binnen jouw organisatie? Of ben je op zoek naar meer inzicht in de voordelen die ze met zich meebrengen ten opzichte van jouw huidige IT-landschap? Wij helpen je graag verder. Bij EsperantoXL zijn we constant bezig met het verbeteren en moderniseren van IT-systemen binnen de gemeentelijke informatievoorziening. Met onze ervaring gaan we graag de uitdaging aan om ook jouw organisatie weer in digitale topvorm te brengen.